International Children’s Book Day 2020


Vandaag is het 2 april – International Children’s Book Day. Deze speciale dag 
bestaat sinds 1967 en werd ingesteld door IBBY om de liefde voor lezen uit te dragen en mensen over de hele wereld te inspireren het kinderboek te vieren.
De 
verjaardag van Hans Christian Andersen (1805 – 1875) is gekozen als de dag om dit te doen, want veel kinderen over de hele wereld zijn bekend met zijn sprookjes en verhalen.

Elk jaar krijgt een andere nationale sectie van IBBY de mogelijkheid om de internationale sponsor te zijn van deze dag. Zij kiezen een thema en nodigen een prominente kinderboekenschrijver uit eigen land uit om hun liefde voor lezen te delen met kinderen wereldwijd. Een illustrator wordt gevraagd om een poster te ontwerpen. De materialen worden op verschillende manieren gebruikt om boeken en lezen te promoten. Dit jaar is IBBY Slovenië de sponsor en het thema “Honger naar woorden”. De Sloveense illustrator Damijan Stepančič maakte de poster en schrijver en dichter Peter Svetina schreef de volgende boodschap.

HONGER NAAR WOORDEN
Waar ik woon worden struiken eind april of begin mei groen en al snel zitten ze vol cocons van rupsen. Deze zien eruit als watten of stukjes suikerspin. De poppen verslinden blad na blad, tot de struiken kaalgevreten zijn. Dan worden de poppen vlinders en vliegen ze weg, maar de struiken blijven niet kaal. Tegen de zomer zijn ze weer groen, elk jaar opnieuw.

Zo gaat het ook bij schrijvers en dichters. Ze worden kaalgeplukt, leeggezogen door hun verhalen en gedichten, die, wanneer ze af zijn, uitvliegen en als boek hun lezers vinden.
Dit gebeurt elke keer opnieuw.

En wat gebeurt er met deze verhalen en gedichten?

Ik ken een jongen die een oogoperatie moest ondergaan. Na de operatie mocht hij twee weken lang alleen op zijn rechterzij liggen en daarna nog een maand lang niets lezen. Toen hij na anderhalve maand eindelijk weer een boek in handen had, voelde het alsof hij de woorden oplepelde uit een kom. Alsof hij ze verorberde, ze echt opat.

En ik ken een meisje dat later lerares werd. Ze vertelde me: kinderen die niet door hun ouders zijn voorgelezen, zijn beroofd van die rijkdom. Woorden in poëzie en in verhalen zijn voedsel. Geen voedsel voor het lichaam, geen voedsel dat je maag kan vullen. Maar voedsel voor de geest en voedsel voor de ziel.

Als je honger of dorst hebt, trekt je maag samen en wordt je mond droog. Je gaat op zoek naar iets te eten, een boterham, een kom rijst of maïs, een vis of een banaan. Hoe hongeriger mensen worden, hoe meer hun focus op eten komt te liggen. Ze worden blind voor alles om hen heen, behalve het voedsel dat hen kan verzadigen.

Honger naar woorden uit zich op een andere manier: als somberheid, onverschilligheid, arrogantie. Mensen die lijden aan dit soort honger, realiseren zich niet dat hun ziel rilt van de kou, dat ze ongemerkt aan zichzelf voorbijgaan. Een deel van hun wereld vliegt aan hen voorbij, zonder dat ze zich daar bewust van zijn. Dit soort honger wordt gestild door verhalen en poëzie.

Maar is er hoop voor diegenen die zich nooit met woorden hebben gevoed om deze honger te stillen?

Die is er zeker. De jongen leest nog steeds, bijna elke dag. Het meisje dat lerares werd, leest voor aan haar leerlingen. Elke vrijdag. Elke week. En als ze het zou vergeten, zouden de kinderen haar er zeker aan herinneren.

En hoe zit het met de schrijver, de dichter? Elke zomer worden zij weer groen. En elke keer ontpoppen er dan verhalen en gedichten, die zich aan hen tegoed doen en uitvliegen, de wijde wereld in. Elke keer opnieuw.

Geschreven door Peter Svetina voor International Children’s Book Day 2020. 

(Vertaling vanuit het Engels door Marloes Robijn.)

Kijk hier voor meer informatie over International Children’s Book Day en het archief van posters en teksten.

Reacties plaatsen kan niet meer.

Spring naar toolbar